Ilpendam
Dit is het laatste bericht voor we naar huis gaan. Jeeeee, we gaan naar huis!! Met een heel klein beetje gemengde gevoelens want de vorst staat voor de deur en ik had best wel een beetje willen schaatsen. Maar ja, je kan niet alles hebben. We hebben al zoveel; zo is het op Sicilië rond de 15 graden Celsius (boven nul). De mensen vinden ons maar boffers en dat zijn we. Dat besef ik terdege. En nu genoeg hierover. Ik heb het schrijven weer te lang “in de lap” laten hangen. Aan de hand van wat lamme, bijna onleesbare aantekeningen zal ik proberen een en ander aan elkaar te knopen.
Ik pak de draad op bij donderdag 19 januari toen Ingeborg voor de tweede keer weer een oggendje kleuters ging verschonen. Ze vindt het nog leuk ook en ze wordt er dik voor betaald (de salarissen in het kleuteronderwijs zijn gigantisch); wat wil je nog meer? Ik maak misbruik van de situatie door pas te 08.45 uur de klamme lappen van me af te werpen en niet te gaan snelwandelen. Het is zo lekker om te blijven liggen lezen in Sydney Sheldon’s “Engel der wrake”, een spionagedraak uit de zeventiger jaren of daaromtrent. Zo’n iPad is hartstikke handig: je hoeft nooit meer een hoekje van een pagina om te knakken om te weten waar je gebleven bent. Terwijl Ingeborg voor de “Icing on the cake” aan het buffelen is houd ik mij onledig met gepiemel op de computer. Ik maak voor Ma eindelijk de bestelde adreslijst, draai ‘m uit en gooi vervolgens prompt het document van de computer af; lekker handig. Zo’n MacApple is toch nog steeds wennen hoor. Ik handel ook wat familiale zaken af. Het regent vrijwel de gehele dag dus buiten kan ik (weer) niets doen. Ik vrees dat de kale plekjes op de kozijnen aan de achterkant van het huis voorlopig kaal blijven. Saves komen Martin, onze tuinman, en zijn vrouw Jeanne gezellig op de koffie. Martin meent dat het misschien tijd is om te gaan denken aan het neerhalen van onze “Cedrus Atlantica Glaucus” want die wordt toch wel erg groot. Als ie in een storm om gaat is de ramp natuurlijk niet te overzien. Ik ben daarentegen van mening dat ie stevig met zijn voetjes in de bodem staat. De laatste tijd zijn er ook weer een paar stormen overheen gegaan en het ding staat nog kaarsrecht overeind. Misschien moeten we als we weer een keer wat langer thuis zijn daar nog eens verder over nadenken. Het advies van de vakman moet je tenslotte niet zonder meer naast je neerleggen. Ik help Jeanne aan een paar boeken op haar E-reader en onder een goed glas wordt het zomaar 01.30 uur als het bezoek afscheid neemt. Te 02.00 uur liggen wij er pas in want ik wou eerst nog even computeren. In bed lezen tot 02.30 uur tot ik in slaap val. Ingeborg slaapt allang.
De volgende ogend, vrijdag 20 januari moet ik er toch aan geloven: vroeg op en wandelen met je gammele poten! Het weer is dreigend. Er zit hagel en regen in de lucht. Op het kruispunt over de Hofbrug komen we Elly tegen in haar Landcruiser en we staan even te kletsen totdat een hagelbui over ons heen trekt. We proberen nog een eindje de polder in te lopen maar het wordt te gek, dus keren we om en rennen naar huis. Te 10.15 uur ga ik naar de club in Edam en Ingeborg naar de kapper. Des middags rijden wij naar Amersfoort alwaar ik met de zussen en broer van Ingeborg familiale zaken afhandel. We besluiten de werkzaamheden met een (zeer goed) glas wijn, een lekker bord patat en andere vette, zeer ongezonde spullen. Te 23.30 uur liggen we te bed.
Zaterdag 21 januari is het weer tijd voor onbaatzuchtig, rugbrekend vrijwilligerswerk. De stront waait van de Zeevangszeedijk over onze jachthaven in Edam en af en toe trekt een bui over. Het werk schiet lekker op want meer dan 10 vrijwilligers zetten de schouders eronder en er zijn een paar vaklui bij.
Op de terugweg, het is dan alweer 13.00 uur, haal ik bij de Deen drie literflessen wijn, want stel je voor, je komt zonder te zitten! Het is trouwens best te drinken. Ik neem altijd Australisch, Spaans en Frans. Thuis ga ik douchen. Ik sta in mijn blote kont mezelf te wegen op de weegschaal naast de douchecabine: 81,9 kilo. Komt Ingeborg binnen: “wil je weer effe op de schaal gaan staan met deze tas in je hand”? Ja hoor: 89,3 kilo. “Bedankt” en ze loopt de badkamer weer uit. Een mens maakt wat mee. Eigenlijk hadden we dat moeten filmen. Komen we op Youtube. We gaan vanavond uit eten. Marijn en Rianne hebben ons uitgenodigd voor een copieuze maaltijd in “De Twee Schouwtjes”. We mogen pas tussen 17.00 uur en 18.00 uur komen maar om 16.00 uur houen we het niet meer en gaan op pad. Te 16.17 uur komen we aan en ze zijn niet thuis. Goddammit. Dan maar wandelen door een guur en koud en winderig Medemblik. Alleen in de grote winkelstraat lopen mensen. We gaan gauw naar het drijvende toiletgebouw in de buitenhaven want Ingeborg moet weer schieten. Terwijl ze daarmee bezig is maak ik een paar fotootjes van de haven.
We lopen terug langs de binnenhaven naar het huis van Marijn en Rietje. Ze zijn net aangekomen en staan de auto uit te laden: Marijn heeft een mini-brommer gekocht waar ie van de zomer mee naar z’n werk in Den Helder gaat rijden. Hoe kom je op het idee! Als dat maar goed gaat. Onder het genot van een herfstbokachtig biertje kletsen we gezellig en spelen met Moos, de poes, op de bank in de voorkamer tot het tijd wordt om naar het restaurant te gaan. Aldaar worden we gastvrij ontvangen en kan het consumeren een aanvang nemen. Het eten is voortreffelijk en de wijn ook.
Uit onze voegen barstend verlaten we, uiteraard nadat Marijn en Rianne hebben afgerekend, het restaurant en waggelen naar huis. “De Twee Schouwtjes”: een beetje lawaaiig, vooral als de baas achter de piano gaat plaatsnemen en in gezang losbarst, maar toch een echte aanrader! Jongens, het was verrukkelijk! Bedankt!
De volgende dag, zondag 22 januari, gaan we gewoon zwemmen alsof er niks aan de hand is. Ik verzuip zowat bij de onderwateroefeningen maar haal toch de koffietafel. Des middags op visite bij Ma, bij wie ik de gegevens voor haar belastingaangifte verzamel en mee naar huis neem. Weer een klusje, maar ik doe het graag.
Maandag, 23 januari, naar de club, een paar dingetjes kopen in Purmerend. Ingeborg wil een BH kopen bij de Hunkemoller. Vergeefs: dicht. Ik wil mijn bril laten repareren. Vergeefs: dicht. Ik wil inktpatronen voor de printer kopen bij de Dynabyte. Vergeefs: dicht. We gaan nu over naar:
de dinsdag, 24 januari. Ing voor de derde keer werken in Landsmeer in het kleuteronderwijs. Ik ga klooien met de inventarislijst voor de verhuur want er is het een en ander veranderd, de vloer bijvoorbeeld en de opstelling van de meubeltjes. Er moeten nieuwe foto’s bij de gewijzigde beschrijvingen. Tijdrovend. Tevens een optelling gemaakt van de Giften en Ziektekosten van Ma, voor de belastingaangifte. Voor ik er erg in heb is Ingeborg alweer thuis. Ik ga gevulde eieren maken want Jan en Elly komen vanavond op visite. Zoals gewoonlijk hebben we weer van alles teveel op tafel. Ik kan het niet laten. Ingeborg probeert me altijd af te remmen, meestal vergeefs. Zelf blijf ik ook graaien in de bakken met noten en de toastjes met salades en brie en weet ik veel wat nog meer en vanavond komt ook nog onze onvolprezen oudhollandse kroket op de proppen! Het is zo lekker allemaal. Dit gaat niet goed. Het is gezellig met Jan en Elly. We hebben het over van alles en nog wat. Ik kan nooit onthouden wat er allemaal gezegd is. Ik moet die voice-recorder die ik op de boot heb liggen toch maar meenemen de volgende keer. Elly gaat tijdens de verhuur ons huis een beetje in de gaten houden door de post op te halen en af en toe schoon te maken. Dat is een geruststellende gedachte. Ik ga met haar het huis rond om te kijken wat de huurder allemaal kapot kan maken en dat soort dingen. We maken goeie afspraken en Elly neemt een exemplaar van mijn inventarislijst mee. Die gaat ze uit het hoofd leren. Tegen middernacht gaan Jan en Elly weg want ze moeten morgen weer aan het werk, merkwaardig.
De woensdag, 25 januari, lukt het om te Purmerend een BH te pakken te krijgen bij de Hunkemoller (duurt even), mijn bril wordt gelijmd (hij lijmt het verkeerde schroefje vast, blijkt later) en we scoren inktpatronen bij de Dynabyte, jeeee! Afgelopen zondag bij de koffie in het zwembad nodigden Coos en Elles ons uit voor een gezellig Grieks avondje zaterdag a.s. bij hen thuis, samen met Mans en Agetha, want zij gaan met z’n viertjes in juni een boot huren in het Levkas-gebied en dan zijn wij daar ook en dan gaan we gezellig samen opvaren en bij wijze van training dus deze Griekse avond. We maken dan ieder een Grieks gerecht en gaan dat gezellig met elkaar opeten. Coos en Elles zorgen voor de bijpassende wijn. Een geweldig idee. Ingeborg gaat een Stifado maken, een soort stoofpot van mager rundvlees met uien, gepelde tomaten, laurierblaadjes, peterselie en nog zo wat van die dingetjes en ze maakt ook nog een feta-salade met olijven en dingen. Al die spullen kopen we bij de Deen vandaag. Verder blijven we de hele dag thuis. Ik vul de belastingaangifte van Ma in. Kom niet klaar want ik moet de jaaropgaven nog hebben. De printer doet het ook niet meer: “is niet verbonden”. Kom er niet achter hoe dat nou zit. Ik ga het resterende brandhout opstoken in de houthaard.
Mans belt of ik effe de ademautomaat van Trilobiet, die ik in mijn bezit heb naar Menno (Duikcentrum Purmerend) kan brengen voor het jaarlijkse onderhoud. Ik ben zo snel ter plekke dat Mans nog in de winkel staat. Ik weet niet of mijn schokbrekers nog een lang leven beschoren zullen zijn na deze rit over die k..bulten in de Westerweg. Het was Een fijne dag.
Vandaag, donderdag 26 januari, moet ik van Ingeborg een paar opdrachten uitvoeren. Zij gaat voor de laatste keer met kleuters spelen en ik moet de vaatwasser laten draaien bij wijze van proef (of ie het nog doet en zo, want wij gebruiken hem zelf nooit, hij is eigenlijk voor de huurder) en ik moet de dakgoten schoonmaken want ze zien zwart en ze horen wit. Tevens maak ik de kachel schoon, zuig de laatste asresten weg en reinig de glazen deur met glas sex (ben ik een uur mee bezig). Ingeborg komt pas tegen etenstijd thuis. We eten makkelijk en gaan naar Trilobiet om het stabjack en de duikcilinder terug te brengen. Even klessebessen, een koppie koffie, foto’s van Erik z’n net bestelde motorjacht bekijken (een Greenline 33, moet ik ook hebben) en dan weer naar huis en na een beetje TV kijken naar bed. Morgenavond moeten we duikmedisch gekeurd worden.
Vrijdag, 27 januari. Na de ochtendwandeling naar de club. Het is redelijk fraai weer vandaag. Onze laatste koffietafel in Edam. Ik moet in het havenkantoor de duikmedische formulieren downloaden en printen want de printer thuis doet het niet. Na wat goocheltoeren lukt het. Wat zijn die windows machines toch traag! Na de koffie nemen we afscheid van iedereen en rijden door de polder naar huis. Wat we ‘s middags deden weet ik niet meer. Saves te 19.00 uur zijn we present in het clubhuis van Trilobiet voor de keuring. Alleen Mans is er. Pieter de dokter komt even later ook binnen en wij zijn als eersten aan de beurt. Ik mag met de assistente mee en zij laat mij drie keer de longen uit mijn lijf blazen (wat je noemt een regelrechte “blowjob”). Ik loop paars aan en stik bijna, maar ik zal een goeie score halen! Dan moet de bloeddruk gemeten worden. Dat is even schrikken: 95 onderdruk en 175 bovendruk. Niet goed. Bij Pieter die het nog eens dunnetjes overdoet is het nog erger: 105 onder en 176 boven. Ik kan naar mijn duikbewijs fluiten en ik mag voorlopig niet duiken ook. Eerst naar de huisarts maandag en dan zien we verder. Ik ben er stoïcijns onder want met mijn leefstijl zag ik het ergens wel aankomen. Ze zeggen dat je te hoge bloeddruk niet voelt maar ik voelde het wel, achteraf, als ik erover nadenk. Mijn familie-omgeving heeft me d’r wel eens op gewezen, maar dat werkt natuurlijk niet, dat begrijp je. D’r moet een witte jas aan te pas komen om je schrik aan te jagen. Nou is deze dag toevallig de eerste dag sinds jaren dat ik geen spiritualiën tot mij heb genomen omdat ik “fris” bij de dokter wilde komen. Ik was van plan thuis lekker weer een (paar) wijntje(s) te nemen maar dat doen we dus maar even niet. Ik neem mij nu voor een tijdje water te gaan drinken en geen zout te nemen en al die dingen te doen en te laten die nodig zijn om herhaling te voorkomen. Als ik dat voor het eerst in mijn leven langer dan twee maanden kan volhouden betekent dat zeer zeker dat ik erg geschrokken ben, want alleen als ik erg schrik kan ik iets volhouden, daar ben ik een rare in en als ik het volhou raak ik ook mijn puntbuik kwijt als prettig bijkomend voordeel, dat staat vast en als ik mijn puntbuik kwijt ben kan ik ook weer mijn dinges zien als ik sogges naast mijn bed sta en naar beneden kijk. De lieve lezer zal wel denken: die is nu alweer “van de wagen” gevallen en zo stoned als een garnaal met al dat slappe gelul. Nou, ik kan u verzekeren dat daar geen sprake van is en dat het heel goed mogelijk is om zonder spiritualiën “zuk slap gelul” te produceren, dat merk ik nou zelf, want ik verslik me net in een slok water als ik het voorgaande teruglees, enzovoort enzovoort. Desondanks en niettegenstaande was het een fijne dag.
Zaterdag, 28 januari: geen idee. Oh ja, toch wel. Ben ik nou helemaal gek geworden! Een fantastische “powerwalk” maakte deel uit van de vroege morgen. We stiefelden een eind in de richting van Purmerend. Puur winter.
We hebben een fantastische avond gehad met Coos, Elles, Agetha en Mans bij Coos en Elles thuis. We hebben het uiteraard uitgebreid gehad over mijn medische toestand. Het medeleven was groot (denk ik). De wijn vloeide overvloedig; de kelken werden rap geleegd en gevuld en in mijn kelk kon men enkel water aantreffen, jawel, jazeker! Knap hoor, vin ik zelf. Ik heb het de hele avond volgehouden maar dit kon toch niet verhinderen dat ik op het laatst een gevoel van aangeschoten zijn kreeg. Kan dat, als je twee karaffen water gedronken hebt? Het was een 5 of 6 gangen diner dat over de hele avond werd uitgesmeerd en zo hoort het ook. Maar toch, ook als je van alles een beetje neemt is het nog te veel, voor mij tenminste. Ik weet niet meer hoe alles heette maar lekker dat het was! Na hartroerend afscheid genomen te hebben zat ik dan ook met een snaarstrak gespannen pens de auto naar huis te sturen. Ik was 100 procent de Bob want ik had 0 procent op.
Zondag, 29 januari zwemmen in het Leeghwaterbad te Purmerend. Voorlopig laatste keer. Van de onderwateroefeningen krijg ik koppijn of verbeeld ik me dat maar. Le malade imaginaire: de ingebeelde zieke, ik kan zo meedoen in dat toeneelstuk. Nog minder dan anders doe ik mee aan de opdrachten die we van Elles krijgen. Na afloop drink ik 1 kop koffie die Willem al had besteld. Nou ja, vooruit dan maar. Maar ik neem geen tweede. Met Erik praten we over zijn nieuwe motorboot, de Greenline 33, moet ik ook hebben. Een vreemd model boot, maar heel zuinig en een uitstekende stabiliteit en veel comfort voor zo’n klein bootje (10 meter). Zoek het maar eens op op internet. Als we stoppen met zeilen (dat duurt natuurlijk nog jaren) is dit een heel realistische optie. We nemen afscheid van iedereen en gaan naar huis. Des middags thee drinken en de tennisfinale kijken bij Ma. We nemen nog wat spullen mee en slaan die boven bij Ma op. Kees en Joke komen ook, net terug van de wintersport. Heel gezellig allemaal. De tijd vliegt. Voor je het weet moet je weer naar huis, naar Sicilië, oh wat erg.






Fijn voor jullie, lekker weer terug. Misschien zijn jullie er al. Pas op voor kapseizende veerboten…….daar.
Ik werk nog tot eind april in Schagen. Daarna gaan wij weer terug. MAAR hier nu stralend weer en vrieskou. Schaatsen: ook leuk en wie weet: “giet it oan”: een echte elfstedentocht. Gr. van Peter en Metty
Leuk hoor pap, nog even een stukje voordat jullie weer terug gaan. Jammer inderdaad dat ik nu niet met je kan schaatsen, bijvoorbeeld bij oma achter. Misschien ga ik zelf nog wel als het ijs straks dicht genoeg is. Nou, tot vanavond en morgenavond en succes met verder opruimen en inpakken (en van de wijn afblijven
)